Grétrystraat, Antwerpen

Afbeelding

André Ernest Modeste Grétry (1741-1813) was een Luikse componist die vooral in Frankrijk carrière maakte. Grétry studeerde in Luik viool, klavecimbel en compositie bij Nicolas Rennekin, organist aan de Sint-Pieterskerk, en Henri Moreau, kapelmeester aan de Sint-Pauluskerk. In 1760 kreeg Grétry van het Prinsbisdom Luik een studiebeurs om naar Italië te gaan, waar hij aan het Luikse college in Rome studeerde. In Italië maakte hij ook kennis met het genre van de ‘opera buffa’. In 1766 begaf Grétry zich achtereenvolgens naar Genève en naar Parijs. In Parijs begon hij te componeren in het genre van de ‘opéra-comique’, waarmee hij grote bekendheid verwierf, eerst in Parijs en Frankrijk, daarna ook in de Nederlanden en andere delen van Europa. Zijn grote succes bezorgde hem een inkomen, verleend door het hof van de koning.

Grétrystraat (Antwerpen) op Google maps.

Remi Ghesquiereweg, Halle

Afbeelding

Remi Ghesquiere (Geluwe, 1866 – Brugge 1964) was organist en componist. Hij nam lessen aan het Koninklijk Conservatorium van Gent. Vervolgens was hij koster-organist in Geluwe. Hij stichtte er eveneens een lagere muziekschool waarvan hij directeur werd, en organiseerde er concerten met Vlaamse cantates. Tijdens WOI belandde hij met zijn gezin in Halle, waar hij kapelmeester en organist was aan de Sint-Martinuskerk van 1917 tot 1945. In 1923 stichtte hij er de zang- en dansgroep de Zingende Meisjes van Halle.

Remi Ghesquiereweg (Halle) op Google maps.

Biografie van Remi Ghesquiere bij het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek.

Servaislaan, Halle

AfbeeldingFrançois Servais (Halle, 1807 – Halle, 1866) was cellist en componist. Hij studeerde cello bij Nicolas-Joseph Platel in de Ecole royale de Musique in Brussel. Hij was korte tijd dirigent van de Halse Harmonie Sint-Cecilia en cellist in het orkest van de Koninklijke Muntschouwburg. Vanaf 1833 tot kort voor zijn overlijden maakte Servais concerttournees door heel Europa. Servais werd in 1848 leraar aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel. Servais geldt als de belangrijkste vertegenwoordiger van de Belgische Celloschool en speelde een voorname rol in de ontwikkeling van de cello. Hij componeerde vier celloconcerto’s en tientallen andere werken voor cello en orkest, duo’s voor cello en piano, cello en viool en voor twee cello’s.

François Servais was de vader van de muzikanten en componisten François-Mathieu ‘Franz’ Servais (Sint-Petersburg, 1846 – Asnières (Fr.), 1901) en Joseph Servais (Halle, 1850 – Halle, 1885).

Servaislaan (Halle) op Google maps. De Servaislaan leidt naar de ‘Villa Servais’, het gebouw uit 1847 waar de familie Servais tot 1886 woonde.
Biografie van François Servais bij het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek.
Met dank aan Peter François en Luc Luypaert van de vzw Servais.

Brabançonnestraat, Leuven

BrabanconnestraatDe Brabançonne is de Belgische nationale hymne. Het lied werd in 1830 geschreven tijdens de Belgische Opstand. Louis Alexandre Dechet (pseudoniem ‘Jenneval’, 1801-1830), een Frans acteur die in de Muntschouwburg speelde, schreef de tekst samen met Constantijn Rodenbach (1791-1846), arts, leraar en later volksvertegenwoordiger en zaakgelastigde. Beiden namen deel aan de Belgische Opstand. Dechet sneuvelde tijdens militaire schermutselingen bij Boechout. Op het Martelaarsplein in Brussel werd in 1897 ter ere van hem een monument ingehuldigd, ontworpen door Alfred Crick. Rodenbach stierf als Belgisch zaakgelastigde in Athene.
De oorspronkelijke Franstalige tekst van de hymne werd later herhaaldelijk aangepast en er kwam ook een versie in het Nederlands en in het Duits.
De muziek bij de tekst werd gecomponeerd door François Van Campenhout (1779/80-1848). Hij was violist bij de Muntschouwburg, kende een internationale carrière als operazanger, en werd daarna dirigent en componist.
Op het Surlet de Chokierplein in Brussel (Erasme Louis Surlet de Chokier (1767-1839) was het eerste staatshoofd van België), staat een standbeeld dat hulde brengt aan de Brabançonne. Het werd ontworpen door Charles Samuel (1862-1932) en in 1930 ingehuldigd.

Brabançonnestraat (Leuven) op Google maps

Johan-Sebastian Bachlaan, Ganshoren

Afbeelding

Johann Sebastian Bach (Eisenach, 1685 – Leipzig, 1750) was een Duits componist en muzikant. Bach werd geboren in een muzikale familie. Hij leerde waarschijnlijk viool en klavecimbel van zijn vader en klavichord van zijn broer. Bach vervulde tijdens zijn carrière verschillende muzikale posten in op diverse plaatsen in Duitsland. Zo was hij onder meer zangmeester bij Prins Leopold van Anhalt-Köthen, cantor aan de Thomasschule in Leipzig en hofcomponist van Augustus III van Polen. Hoewel de orgelcapaciteiten van Bach bekend waren in Europa, werd hij tijdens zijn leven niet algemeen beschouwd als een belangrijk componist. Pas in de eerste helft van de 19de eeuw ontstond er een hernieuwde interesse in zijn werk die resulteerde in opvoeringen van zijn muziek.

Johan-Sebastian Bachlaan (Ganshoren) op Google maps

Jef Tinellaan, Maldegem

Afbeelding

Emiel Jozef ‘Jef’ Tinel (Lessen, 1885 – Gent, 1972) was organist, dirigent en componist. Hij kreeg muziek en orgellessen van zijn vader Oscar, koster-organist in Maldegem. Hij studeerde orgel, harmonie, contrapunt en fuga aan het Lemmensinstituut in Mechelen. Daarna studeerde hij compositie bij Leo Moeremans in Gent. Vanaf 1908 was hij organist in Zele, Gent en Maldegem. Hij was tijdens zijn carrière dirigent in onder meer Tielt, Ardooie, Poperinge en Passendale. Later dirigeerde hij ook nog op Vaams-Nationale Zangfeesten, Vlaamse liederavonden en IJzerbedevaarten. Vanaf 1936 tot 1944 was Tinel leraar aan de middelbare school van Maldegem, waar hij eveneens directeur was van de gemeentelijke muziekschool die hij zelf had opgericht. Tinel was een tijdlang kapelmeester van het Verdinaso en componeerde Vlaamse strijd- en stapliederen zoals Wij zijn bereid.

Jef Tinel was de neef van componist Edgar Tinel.
Jef Tinellaan (Maldegem) op Google maps
Biografie van Jef Tinel bij het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek.

Edgard Tinellaan, Mechelen

Afbeelding

Edgar Tinel (Sinaai, 1854 – Brussel, 1912) was pianist en componist. Hij studeerde aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel en maakte aanvankelijk carrière als pianist. Van 1881 tot 1909 werd hij in opvolging van Jacques Lemmens directeur van het Hoger Interdiocesaan Instituut voor Kerkmuziek in Mechelen (het huidige Lemmensinstituut in Leuven). Naast die functie was Tinel inspecteur van het muziekonderwijs en doceerde hij aan het Brusselse conservatorium, waar hij in 1909 tot aan zijn overlijden directeur was. Tinel componeerde vooral vocale en religieuze muziek (o.a. Klokke Roeland (1877) op tekst van Julius Sabbe en Franciscus (1877) op tekst van Lodewijk de Koninck). Een aantal gedichten van Guide Gezelle verwerkte hij tot liederen. Gezelle bedankte hem met het gedicht Hebt gij Tinel.
Tinel is vader van Paul Tinel (musicoloog) en oom van Emiel Jozef ‘Jef’ Tinel (Vlaams-nationalistisch componist).

Edgard Tinellaan (Mechelen) op Google maps. Het Mechels straatnaambord spelt verkeerdelijk Edgard.

Biografie van Edgar Tinel bij het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek.

Cypriaan de Rorestraat, Mechelen

Afbeelding

Cypriaan de Rore (Ronse, 1515 of 1516 – Parma (It.), 1565) was een Zuid-Nederlandse componist. Omstreeks 1534 vertrok De Rore naar Italië om er zanger te worden aan de San Marco in Venetië, waar op dat moment Adriaan Willaert zangmeester was. Hij oefende zelf de functie van zangmeester uit, achtereenvolgens aan de hoven van Ferrara en Parma. Daarna was hij de opvolger van Willaert aan de San Marco, een functie die hij slechts twee jaar vervulde. De Rore genoot als componist een grote bekendheid in Italië.

Cypriaan de Rorestraat (Mechelen) op Google maps

Accolaystraat, Brussel

AfbeeldingJean-Baptiste Accolay (Brussel, 1833 – Brugge, 1900) was violist, dirigent en componist. Hij volgde vioollessen aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel. Bijna heel zijn loopbaan speelde zich in Brugge af, waar hij tot zijn overlijden werkzaam was aan de Stedelijke Muziekschool (vanaf 1874 Stedelijk Muziekconservatorium en nu Stedelijk Conservatorium Brugge). Hij was er leraar notenleer, viool en altviool, strijkkwartet en harmonie. Daarnaast was hij als violist-solist verbonden aan de orkesten van de stadsschouwburg. Accolay schreef voornamelijk werken voor viool met piano- of orkestbegeleiding.

Accolaystraat (Brussel) op Google maps

Biografie van Jean-Baptise Accolay bij het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek.

Emiel Hullebroeckstraat, Melle

Afbeelding

Emiel Hullebroeck (Gentbrugge, 1878 – Liedekerke, 1965) was componist en dirigent. Hij studeerde orgel, harmonie en fuga aan het Koninklijk Conservatorium van Gent. Na zijn studies gaf hij privélessen en dirigeerde hij koorverenigingen. In 1899 stichtte Hullebroeck het Gentse A-Capellakoor voor geschoolde stemmen, waarmee hij vooral ‘oude muziek’ bracht van polyfonisten zoals Palestrina. Het koor bestond tot aan het begin van de Eerste Wereldoorlog, en kende internationale successen. Daarnaast organiseerde Hullebroeck tussen 1904 en 1934 ongeveer 2000 liederavonden. Als componist kende hij immers groot succes met zijn populaire volksliederen, zoals bijvoorbeeld ‘De Blauwvoet’ en ‘Tineke Van Heule’. Beroepshalve was hij muziekleraar aan de Rijksnormaalschool te Gent en vanaf 1930 ook rijksinspecteur van de conservatoria en muziekscholen in het Nederlandstalige landsgedeelte. Ter promotie van de Vlaamse beiaardkunst richtte hij samen met Jef Denyn in 1922 de vereniging ‘Onze Beiaard’ op. In hetzelfde jaar richtte Hullebroeck ook de Nationale Vereniging voor Auteursrecht (NAVEA) op, een auteursvereniging die later zou uitgroeien tot SABAM.

Emiel Hullebroeckstraat (Melle) op Google maps

Lees meer over Emiel Hullebroeck en Melle in het artikel ‘Melle en Emiel Hullebroeck’ van Daniël Lemmens, verschenen in het heemkundig tijdschrift De Gonde, jaargang 23 (1995), nr. 3-4, pagina 56 en volgenden. (Te raadplegen via de webstek http://www.erfgoedmelle.be, onder ‘Heemkundige Vereniging De Gonde’). Met dank aan Jan Olsen van het Gemeentelijk Museum, Archief en Documentatiecentrum Melle.
Biografie van Emiel Hullebroeck bij het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek.